Terug naar overzicht
EU AI ActRegelgevingGovernanceOpenAIMeta

Zondag moet je chatbot zeggen dat hij een chatbot is

·Door
Zondag moet je chatbot zeggen dat hij een chatbot is

Samenvatting:

  • Op 2 augustus wordt artikel 50 van de EU AI Act handhaafbaar. Een chatbot moet vertellen dat hij een chatbot is, AI-beeld en AI-video moeten herkenbaar zijn, en AI-teksten over maatschappelijke onderwerpen krijgen een label.
  • De boete loopt op tot 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde omzet. Handhaving loopt via de lidstaten. In Nederland doen tien markttoezichthouders dat, met de AP en de RDI als coördinatoren.
  • Het uitstel waar je over las, ging over een ander hoofdstuk. Het Digital Omnibus-akkoord schoof de hoog-risico-verplichtingen door naar december 2027 en augustus 2028. Artikel 50 schoof niet mee.
  • De labs ontdekten Europa in dezelfde week. OpenAI opende een EU-hoofdkantoor in Dublin en publiceerde vandaag een stuk over verantwoorde AI in Europa. Meta tekende de gedragscode over het labelen van AI-content.
  • De lijn: een deel van deze plichten ligt bij jou als gebruiker, niet bij het lab dat het model bouwde.

Zondag gaat er iets in dat je waarschijnlijk niet hebt gepland. Op 2 augustus 2026 worden de transparantieverplichtingen uit artikel 50 van de EU AI Act handhaafbaar, samen met de handhavingsbevoegdheden van de Europese Commissie voor algemene AI-modellen.

Dat is geen aankondiging van een wet. De wet geldt al. Vanaf zondag kan een toezichthouder er een boete aan hangen: tot 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet, het hoogste van de twee.

En anders dan bij de meeste AI-regels ligt hier een deel van de rekening bij de organisatie die de AI gebruikt. Niet alleen bij het lab dat hem bouwde.

De plichten die zondag bij jou liggen, niet bij je leverancier

Artikel 50 verdeelt de verplichtingen over twee rollen. De aanbieder bouwt of levert het systeem. De gebruiksverantwoordelijke zet het in. De meeste Nederlandse organisaties zitten in die tweede rol, en die rol heeft eigen plichten.

Praat je klant met een chatbot, dan moet hij dat weten. De melding moet zichtbaar zijn in het gesprek zelf. Een zin in je algemene voorwaarden telt niet, en een label dat alleen in de metadata staat ook niet. Deze plicht ligt formeel bij de aanbieder, maar kijk in je contract wie dat is. Zet je een ingekochte assistent onder je eigen merk neer, dan kun je die rol zelf hebben.

Zet je emotieherkenning of biometrische categorisering in, dan informeer je de mensen om wie het gaat. Die plicht is expliciet van de gebruiksverantwoordelijke.

Publiceer je AI-beeld, AI-audio of AI-video van herkenbare mensen, plaatsen of gebeurtenissen, dan maak je dat kenbaar. Datzelfde geldt voor AI-geschreven teksten over maatschappelijke onderwerpen. Op die laatste zit een uitzondering die er voor veel bedrijven toe doet: is de tekst door een mens beoordeeld en draagt iemand er redactionele verantwoordelijkheid voor, dan vervalt het label.

Die uitzondering is precies de reden om je proces nu op te schrijven in plaats van later. "Een collega heeft er nog even naar gekeken" is geen redactionele verantwoordelijkheid. Een naam achter de publicatie wel.

De machineleesbare markering van AI-output, het technische deel uit lid 2, kent een overgangstermijn. Voor systemen die al op de markt waren geldt die pas op 2 december 2026. Nieuwe systemen moeten het meteen.

Het zware deel is uitgesteld, dit deel niet

Er is de afgelopen maanden veel geschreven over de AI Act die op de lange baan ging. Dat klopt ook, alleen ging het over andere hoofdstukken.

Het Europees Parlement nam op 16 juni het Digital Omnibus-pakket aan met 423 stemmen voor en 57 tegen. De Raad gaf op 29 juni groen licht. Daarmee schoven de verplichtingen voor hoog-risico-AI op: systemen uit bijlage III naar 2 december 2027, systemen die in gereguleerde producten zitten naar 2 augustus 2028.

Dat is de wetgever die erkent dat de sector het tempo niet haalde. Prima.

Maar artikel 50 stond niet in dat pakket. De transparantieplichten en de handhaving op algemene AI-modellen bleven staan op 2 augustus. Wie het uitstelnieuws las en concludeerde dat er dit jaar niets gebeurt, heeft het verkeerde stuk gelezen.

De labs ontdekten Europa precies deze week

Vier dagen voor de deadline tekende OpenAI een huurcontract voor een EU-hoofdkantoor in Dublin: ruim 8.000 vierkante meter, 250 banen in twee jaar en zo'n 105 miljoen euro investering in Ierland, met een ambitie van 400 mensen in drie jaar (IDA Ireland). Vandaag volgde Advancing responsible AI across Europe, een stuk over de veiligheids- en herkomstpraktijken van het bedrijf in Europa.

Meta maakte op 28 juli bekend de gedragscode over transparantie van AI-content te tekenen. Precies een jaar eerder weigerde datzelfde bedrijf de gedragscode voor algemene AI-modellen te ondertekenen. "Europe is heading down the wrong path on AI", schreef Joel Kaplan, Meta's Chief Global Affairs Officer, toen op LinkedIn. Nu staat er een handtekening onder de code die bij artikel 50 hoort.

"As AI-generated media becomes more photorealistic, it's increasingly important that people have tools to help them identify it."

— Markus Reinisch, VP Public Policy Europe bij Meta (bron)

In hetzelfde stuk staat de zin waar het Meta echt om gaat.

"We must avoid a situation where online content is subject to a growing array of different labels and disclosures that end up overwhelming people."

— Markus Reinisch, VP Public Policy Europe bij Meta (bron)

Vertaald: één Europese standaard graag, en liefst eentje die wij mee mogen schrijven.

Ik lees deze drie berichten als positiekeuze, niet als bekering. Een gedragscode tekenen is goedkoper dan een handhavingszaak, en een kantoor in Dublin plus een blog over verantwoorde AI zijn het soort dossieropbouw waar je later naar wijst. Zo gaan grote bedrijven met regelgeving om. Reken er alleen niet op dat het lab jouw verplichting overneemt.

In Nederland kijken de AP en de RDI mee

Handhaving van artikel 50 loopt niet via Brussel maar via de lidstaten. Nederland koos voor een verdeeld model: ongeveer tien markttoezichthouders houden toezicht op AI binnen hun eigen domein, met de AFM en DNB voor de financiële sector en de inspecties voor productveiligheid.

De Autoriteit Persoonsgegevens en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur hebben daarbovenop een coördinerende rol. De RDI is het formele aanspreekpunt van Nederland richting Europa. Valt jouw toepassing buiten alle bestaande domeinen, dan komt de AP in beeld.

Praktisch betekent dat twee dingen. Je weet wie je kunt bellen. En je weet dat een klacht van een klant of een medewerker ergens terechtkomt.

Wat ik deze week zou doen

Drie kwartier werk, en je bent van het grootste risico af.

Loop je klantcontact langs en zoek elk punt waar iemand met AI praat zonder het te weten: de chatbot op de site, de assistent in het klantportaal, de stemrobot voor de telefoon. Zet er een melding in die zichtbaar is in het gesprek zelf.

Loop daarna je publicaties langs. Zet je AI-beeld op je site of in je socials, dan hoort er een vermelding bij. Schrijf je met AI over maatschappelijke onderwerpen, dan zet je iemands naam eronder of je labelt het.

Pak tot slot je contracten met leveranciers erbij en zoek het woord aanbieder. Staat er niet in wie die rol heeft, dan is dat de vraag die je maandag stelt. Niet omdat de boete zondag valt, maar omdat je het antwoord straks nodig hebt en het dan niemand meer uitkomt om hem te beantwoorden.

Volgende Stap

De meeste organisaties die ik spreek hebben geen AI-probleem, maar een overzichtsprobleem. Ze weten niet waar in hun processen AI al klantcontact heeft. Dat is precies wat artikel 50 nu afdwingt.

Wil je die inventarisatie een keer goed doen, samen met iemand die de wet én de techniek kent? Neem contact op en we lopen het door.

Beeld: Meta, uit de aankondiging over de EU-gedragscode voor transparantie van AI-content.

Hulp nodig met dit onderwerp?

Onze experts helpen u graag verder met de implementatie.

Neem Contact Op